Als je van Belgisch bier houdt, heb je misschien wel eens een glas Tripel van Westmalle gedronken. Een kelkvormig glas vol met een heldere, goudgele vloeistof met een flinke schuimkraag en een fruitige geur. Daar krijg je spontaan dorst van. Dit bier wordt al eeuwenlang gebrouwen in de Abdij van Westmalle. De geschiedenis van deze brouwerij gaat zelfs terug tot 1836, al werd het bier toen alleen nog maar door de monniken van de abdij zelf gedronken.

Een eigen brouwerij

De trappistenabdij van Westmalle was lange tijd een gewoon klooster. Op 22 april 1836 werd het klooster benoemd tot trappistenabij. Vanaf toen mochten de monniken van de abdij bier drinken in plaats van water bij hun maaltijden. Er werd zoveel bier gedronken in de abdij dat er al snel behoefte was aan een eigen brouwerij de monniken. Op 10 december 1836 was het eerste zelf gebrouwen bier van Westmalle klaar om gedronken te worden.

Steeds meer vraag naar Westmalle

Jarenlang werd er in Westmalle voornamelijk bier gebrouwen voor eigen gebruik. Slechts af en toe verkochten de monniken hun brouwsels aan de poort aan kennissen uit de buurt. De vraag van buitenaf naar het bier werd vanaf 1856  langzaamaan steeds groter, waardoor de brouwerij tweemaal moest uitbreiden. Uiteindelijk besloten de monniken om hun bier op grotere schaal te verkopen via bierhandelaren.

Verschillende soorten trappistenbier

In 1922 wordt de Westmalle “Dubbel Bruin” geboren. Een aantal jaren later in 1934 ziet de Westmalle Tripel het levenslicht. Beide biersoorten worden tegenwoordig nog geschonken. Daarnaast werd er nog een licht alcoholisch bier gebrouwen in de brouwerij onder de naam ‘Extra Gersten’. Dit bier wordt tegenwoordig nog twee keer per jaar gebrouwen, maar het is niet bedoeld voor de verkoop. Het is namelijk het bier dat door de monniken van Westmalle wordt gedronken, ook nu nog steeds.

De Abdij van Westmalle leeft voort

Door de jaren heen zijn delen van de brouwerij gemoderniseerd, maar er zijn ook nog enkele historische gebouwen overgebleven. In 1991 stapten de monniken zelfs over op een computergestuurde brouwzaal, waardoor het brouwproces een stuk makkelijker werd. De monniken van de Abdij van Westmalle zijn nog steeds de eigenaren van de brouwerij, al worden ze tegenwoordig geholpen door mensen van buitenaf bij het brouwproces. Een bezoekje brengen aan de trappistenbrouwerij is helaas niet mogelijk, omdat de abdij niet toegankelijk is voor bezoekers. In de omgeving van de Abdij kun je wel prachtige wandelingen en fietstochten maken.
Headerfoto: © Mie de Backer

Dit verhaal kwam tot stand op uitnodiging van De Kempen.