De huidige grens tussen Limburg en Duitsland loopt dwars door een gebied dat vroeger bij het hertogdom Gelre hoorde. Het stond bekend als het Overkwartier of het Kwartier van Roermond, naar de hoofdstad van de regio. Het kwartier strekte zich in de vijftiende eeuw uit van Mook tot Montfort en van Venray tot Viersen. De op het eerste gezicht willekeurig bij elkaar gevoegde gebieden zijn onderling verbonden door de Swalm en de Roer, twee zijrivieren van de Maas. Beide rivieren lopen zowel door het huidige Duitsland als door Nederland. Een andere belangrijke rivier in dit gebied is de Niers, met daaraan de Duitse stad Geldern. Hier ontstond in de elfde eeuw het graafschap Gelre.

Alinea 1

Conflicten in Spaans Gelre

Tijdens de Tachtigjarige Oorlog verenigden de noord-Nederlandse gewesten zich tegen koning Filips II. Roermond bleef echter trouw aan de Spaanse koning. Hierdoor raakte het Overkwartier officieel van de rest van Gelre gescheiden. Het gebied bleef katholiek. Spaans Gelre was daarna nog geregeld het toneel van conflicten en geweld. Zo richtte Willem van Oranje in 1572 een bloedbad aan in Roermond. En in 1632 organiseerde stadhouder Frederik Hendrik een Veldtocht langs de Maas, in een poging de Spaanse troepen uit de zuidelijke Nederlanden te verdrijven. ‘De Stedendwinger’ veroverde tijdelijk Venlo, Roermond, Erkelenz, Maaseik, Sittard en Straelen, en Maastricht.

De verdeling van het Overkwartier

Na de Tachtigjarige Oorlog raakte het Overkwartier verder verdeeld. Aan het begin van de achttiende eeuw aasden zowel de Franse vorst Lodewijk XIV als de Pruisische koning Frederik I op de zuidelijke Nederlanden. Bij de Vrede van Utrecht in 1713, die het einde van deze oorlog markeerde, verdeelden vier partijen het Overkwartier onder elkaar. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden kreeg het ambt Roermond, Venlo en een strook land ten oosten van de Maas bij Reuver en Beesel. Het huis Habsburg kreeg Roermond in handen, tot aan de huidige Duitse stad Wegberg en een enclave ten noorden van Thorn. Erkelenz kwam in handen van Karel III Filips van de Palts, die ook het vroegere hertogdom Gulik in bezit had. Het grootste gedeelte van het voormalige Overkwartier kwam echter in handen van het kersverse koninkrijk Pruisen. Keurvorst Frederik Willem I van Pruisen kreeg onder andere gebied ten noorden van Venlo, ambt Kessel, ambt Goch, ambt Straelen, ambt Geldern en ambt Krickenbeck in bezit.

Een nieuwe opsplitsing

In de Franse tijd was het gebied onder keizer Napoleon weer korte tijd één geheel, maar nadat de Fransen verslagen waren volgde opnieuw een deling: het oostelijke gedeelte van het voormalige Overkwartier werd weer Pruisisch, het westen hoorde nu bij het Koninkrijk der Nederlanden. Tussen 1815 en 1830 waren België en Nederland verenigd in het Koninkrijk der Nederlanden onder koning Willem I. Daarna scheidde België zich af en kreeg Nederlands zuidelijkste provincie de contouren die we vandaag de dag nog kennen.

Alinea 4

Tijdens de oorlog

Tijdens de bevrijding van Nederland is in het voormalige Overkwartier hevig gevochten. Gedurende zeven maanden lag de verschuivende frontlinie dwars door Limburg. In september 1944 probeerden geallieerden troepen Nederland vanuit het zuiden te bevrijden door de grote rivieren, Maas, Waal en Rijn, in handen te krijgen. Deze operatie mislukte gedeeltelijk: de troepen bleven steken ten zuiden van de Rijn. In Limburg kwamen ze niet verder dan de Maas bij Venlo en de Roer ten zuiden van Roermond. Pas in februari slaagden ze erin de Maas en de huidige grens met Duitsland over te steken. De strijd om de bevrijding van Nederland heeft in Limburg veel sporen achtergelaten. Meerdere steden, waaronder Venlo, lagen volledig in puin en veel belangrijke gebouwen, kerken en bruggen waren vernietigd.

Tekst: Erfgoed Gelderland
Fotografie: Grundig CC BY 3.0, Hyacinthe Rigaud, PD en Gemeentearchief Venlo, PD